Jesse Burger
Terug naar blog
Toekomst·Maatschappij

Een Brief aan Iedereen die AI Negeert

Jesse Burger··14 min leestijd
§

De kans is groot dat je dit niet leest omdat je diep in de AI-wereld zit. Waarschijnlijk ken ik je van ergens anders: je bent mijn oom die zegt dat het gedoe met AI toch gewoon hype is. Of mijn collega die ChatGPT één keer heeft geprobeerd, een matig antwoord terugkreeg, en sindsdien denkt er klaar mee te zijn. Of een vriend die begrijpend knikt als ik erover begin en dan van onderwerp wisselt.

Dit is voor jullie.

Waarom de scepsis begrijpelijk is

Laten we eerlijk zijn over hoe dit er van jouw kant uitziet.

Je hebt twee jaar lang koppen gezien als "AI verandert alles." Je hebt gelezen over ChatGPT, Midjourney, robots die banen overnemen. Elke week een nieuw model dat baanbrekend zou zijn. Elke maand een nieuwe hype die "dit keer echt anders" was. En toch: jouw leven is niet veranderd. Je gaat nog steeds 's ochtends naar je werk. De wereld ziet er min of meer hetzelfde uit.

Je hebt misschien zelf ChatGPT geprobeerd. Het antwoord was oppervlakkig of gewoon fout. Je haalde je schouders op. En eerlijk gezegd had je op dat moment niet eens ongelijk.

Maar hier is het probleem: wat je toen proefde is niet wat er nu bestaat. En wat er nu bestaat is niet wat er over zes maanden zal bestaan.

Wat er het afgelopen jaar is gebeurd

Geen abstracte beweringen. Concrete feiten.

Begin 2024 kon een AI-model geen complexe wiskunde. Taalmodellen konden tekst genereren, maar stap-voor-stap redenering was hun zwakke punt. Eind 2025 halen AI-modellen hogere scores op universitaire wiskunde-examens dan vrijwel alle menselijke studenten. Niet een beetje hoger. Significant hoger.

Begin 2024 kon je een AI niet vragen om langdurige, complexe taken zelfstandig uit te voeren. Nu bestaan er systemen die meerdere uren zelfstandig werken: code schrijven, testen, debuggen, documenteren en opleveren, zonder dat een mens erbij betrokken hoeft te zijn.

Begin 2024 was spraakinteractie met AI traag en houterig. Nu kun je in real-time een vloeiend gesprek voeren met een AI die emotie herkent in je stem, context bijhoudt, en antwoordt op een manier die tien jaar geleden sciencefiction was.

In 2024 introduceerden meerdere labs ook zogeheten redeneermodellen: systemen die niet onmiddellijk een antwoord genereren, maar die eerst intern nadenken, stap voor stap. Op wiskundige olympiadevraagstukken die jarenlang als onhaalbaar voor machines werden beschouwd, scoren deze modellen nu op het niveau van medaillisten. Op medische licentie-examens presteren ze beter dan de meeste afgestudeerde artsen.

Dat is niet de ChatGPT waar je misschien mee hebt gespeeld.

De misvatting die alles kleurt

Als iemand zegt "ik heb AI geprobeerd en het stelde niet veel voor," gaat het eigenlijk over een product dat nu twee generaties oud is. Op basis daarvan de hele technologie afschrijven is een beetje als in 2007 een Nokia hebben, een iPhone aangeboden krijgen, en zeggen: "Nee dank je, ik heb al een telefoon."

Een gesprek dat me niet loslaat

Een goede vriend van me, slim en belezen, iemand wiens oordeel ik serieus neem, vertelde me vorig jaar dat hij AI beschouwde als "geavanceerde autocomplete." Handig voor kleine klusjes, maar niet meer dan dat.

We spraken er lang over. Hij luisterde beleefd. Maar ik merkte dat zijn mening al vast lag, en dat nieuwe informatie er niet makkelijk doorheen drong. Niet omdat hij dom is, maar omdat zijn referentiekader vastzat aan een ervaring van twee jaar geleden.

Drie maanden later belde hij me op.

Hij had voor zijn werk een juridisch document moeten opstellen. Normaal betaalde hij een advocaat voor een eerste versie. Een collega had gesuggereerd het met Claude te proberen, voor de lol. Het eerste concept was zo goed dat de advocaat het met lichte aanpassingen kon gebruiken. Uren werk, gereduceerd tot minuten.

"Ik begrijp nu wat je bedoelde," zei hij.

Ik was blij dat hij het zag. Maar ik dacht ook: hoeveel mensen maken die stap nooit?

Wat dit al doet in de wereld, nu

Dit is het deel waar mensen het vaakst sceptisch over zijn. Dus concrete voorbeelden.

In de geneeskunde detecteren AI-systemen kanker op scans met een nauwkeurigheid die radiologen niet altijd halen. Google's DeepMind heeft een systeem dat vroege oogziekten detecteert die mensen missen. Er zijn modellen die zeldzame genetische aandoeningen kunnen identificeren op basis van symptoompatronen. Dit is niet experimenteel. Dit wordt al gebruikt.

In de rechtspraktijk schrijven grote advocatenkantoren hun eerste concepten met AI-assistentie. Research die vroeger een dag duurde, duurt nu een uur. Contractanalyse die vroeger een team van paralegals vereiste, wordt nu grotendeels geautomatiseerd.

In softwareontwikkeling is de productiviteitsomslag het meest zichtbaar. Ervaren developers rapporteren dat ze twee tot drie keer zo snel werken. Niet omdat ze lui worden, maar omdat ze minder tijd kwijt zijn aan boilerplate, aan debuggen van triviale fouten, aan het opzoeken van documentatie. Een junior developer met goede AI-tools haalt inmiddels de productiviteit van een mid-level developer van vijf jaar geleden.

In marketing en communicatie is de drempel voor professionele content praktisch verdwenen. Kleine bedrijven kunnen nu campagnes produceren die er uitzien als het werk van een duur bureau.

In het onderwijs worstelen scholen met de vraag wat ze doen met leerlingen die essays inleveren die door AI zijn geschreven. Maar dat is de verkeerde vraag. De echte vraag is: als AI een essay kan schrijven, wat is dan de waarde van een essay als leerinstrument? Wat moeten we kinderen eigenlijk leren? Dat gesprek wordt nog niet serieus genoeg gevoerd.

De sectoren die het niet zien aankomen

De meest kwetsbare beroepen zijn niet de banen waarvan mensen al jaren zeggen dat ze geautomatiseerd worden. De meest kwetsbare zijn de kennisintensieve, middelbaar betaalde beroepen: de paralegal, de junior analist, de instapfunctie bij een accountantskantoor, de beginnende copywriter. Precies de banen waar mensen van denken dat ze veilig zijn omdat ze "met hun hoofd werken."

"Maar het maakt fouten"

Ja. Dat klopt.

AI-modellen hallucineren: ze verzinnen feiten die niet bestaan, met een zelfverzekerdheid die alarmerend is. Ze maken redeneerfouten. Ze zijn inconsistent. Je kunt er niet blindelings op vertrouwen.

Maar wanneer heb jij voor het laast een gereedschap gebruikt dat perfect was?

Zoekmachines geven verkeerde resultaten. Wikipedia heeft fouten. Collega's geven soms slecht advies. Artsen missen soms diagnoses. Dat betekent niet dat we zoekmachines, encyclopedieën, collega's of artsen afschaffen. Het betekent dat we leren omgaan met hun beperkingen, hun output kritisch bekijken, en ze gebruiken als onderdeel van een groter systeem.

AI werkt het beste als gereedschap dat je versterkt, niet als orakel dat je vervangt. Een jurist die AI gebruikt om snel een eerste concept te genereren en dat daarna kritisch doorneemt, is sneller en nauwkeuriger dan een jurist die alles zelf schrijft. De fouten worden gevangen. De snelheidswinst blijft.

De vraag is niet: is het perfect? De vraag is: maakt het mij effectiever, ook met de fouten erbij?

Voor de meeste taken, in de meeste contexten, is het antwoord ja.

De snelheid die moeilijk te volgen is

AI verbetert niet op de manier waarop we gewend zijn dat technologie verbetert. Computers worden elk jaar een stukje sneller. Telefoons krijgen elk jaar een iets betere camera. Dat soort verbeteringen verwerken we makkelijk.

Wat er met AI-modellen gebeurt is anders. De verbeteringen zijn sprongsgewijs, en de sprongen worden groter. GPT-2 naar GPT-3 was een grote stap. GPT-3 naar GPT-4 was opnieuw een grote stap. Wat er daarna is gekomen verlegt de grens op manieren die de meeste mensen niet bijhouden, omdat ze er niet meer actief mee bezig zijn.

Er is ook een reden om te denken dat dit tempo aanhoudt. De modellen worden niet alleen beter door grotere datasets en meer rekenkracht. Ze worden ook ingezet om te helpen bij het onderzoek dat de volgende generatie AI produceert. AI-systemen dragen bij aan de ontwikkeling van betere AI-systemen. De referentiepunten uit het verleden worden daardoor steeds minder relevant als basis voor een mening over wat het nu kan.

Het moment dat het klikte

Het was geen demo en geen benchmark. Het was een gewone dinsdagmiddag waarop ik een stuk schreef dat ik normaal in drie uur zou afronden. Ik gebruikte een AI als denk- en schrijfpartner, niet om het voor mij te schrijven, maar als iemand om mee te sparren: mijn redenering uitdagen, zwakke plekken aanwijzen, alternatieve invalshoeken opperen.

Na vijftig minuten had ik iets beters dan ik normaal in drie uur maak.

Het rare was niet de tijdsbesparing. Het rare was de kwaliteitsverbetering. Ik had verwacht sneller te worden. Ik had niet verwacht beter te worden. Sindsdien werk ik anders, als iemand die een serieus gereedschap heeft gevonden en dat gereedschap nu gebruikt.

Wat je concreet kunt doen

Gebruik het actuele spul. Niet ChatGPT 3.5 van twee jaar geleden. Claude, GPT-4o, Gemini 2.0, de huidige modellen. Als je betaalt voor een abonnement, kies dan het beste model. Het verschil is groter dan je denkt.

Geef het serieuze taken. Niet "schrijf een grappig gedichtje." Geef het iets waar je zelf moeite mee hebt. Een lastige e-mail die je al drie keer hebt uitgesteld. Een rapport dat je moet schrijven maar waartegen je opziet. Zie wat er gebeurt.

Leer prompten. Dit klinkt technischer dan het is. Het betekent: wees specifiek in wat je vraagt. Geef context. Zeg wat je wil, voor wie, in welke toon, met welk doel. Hoe preciezer de vraag, hoe nuttiger het antwoord. Dit is een vaardigheid die je in een middag kunt leren.

Houd het bij. Schrijf je op voor een nieuwsbrief over AI-ontwikkelingen. Reserveer een uur per maand om te lezen wat er is veranderd. Dat is genoeg om niet volledig achterop te lopen.

Praat erover met je werk. Begin het gesprek, niet als technologie-evangelist, maar als iemand die een relevante vraag stelt. Hoe gebruiken we dit? Waar kunnen we sneller worden? Welke taken kosten ons nu veel tijd?

Wees kritisch, maar niet defensief. Er is een verschil tussen gezonde scepsis en gemotiveerde redenering. Gezonde scepsis vraagt: klopt dit, wat zijn de beperkingen, hoe gebruik ik dit verstandig? Gemotiveerde redenering zoekt bevestiging voor een conclusie die al vaststaat.

De laagste drempel om te beginnen

Neem de taak die je het meest uitstelt. Die e-mail die je al twee weken niet hebt geschreven, die presentatie die je niet weet hoe je moet beginnen. Open Claude of ChatGPT. Beschrijf de situatie. Vraag om hulp. Niet als eindresultaat, maar als startpunt. Dat is alles.

De vraag die verder gaat dan productiviteit

Wat er nu gebeurt is niet gewoon een nieuwe ronde technologische verbetering.

We hebben in de menselijke geschiedenis technologieën uitgevonden die onze fysieke kracht vermenigvuldigden: de stoommachine, de tractor, de kraan. We hebben technologieën gebouwd die onze geheugen- en rekencapaciteit vermenigvuldigden: databases, spreadsheets, zoekmachines. Maar we hebben nooit een technologie gebouwd die onze cognitieve capaciteit, ons vermogen om te redeneren, te schrijven, te plannen, te creëren, in substantiële mate versterkte of nabootste.

Dat is wat er nu voor het eerst in de geschiedenis plaatsvindt.

De implicaties zijn breed genoeg dat ik me niet pretentieus genoeg voel om ze allemaal te overzien. Ik weet niet precies hoe de arbeidsmarkt er over tien jaar uitziet. Ik weet niet hoe onderwijs eruit zou moeten zien als AI sommige kennisoverdracht efficiënter kan doen dan een leraar. Ik weet niet wat het betekent voor het menselijke zelfbegrip als de taken die we definiëren als "creatief" en "intelligent" ook door machines gedaan kunnen worden.

Wat ik wel weet: elke eerdere technologische omwenteling van dit kaliber heeft de samenleving diepgaand veranderd. En elke keer waren de mensen die het vroegst begrepen wat er speelde, degenen die de meeste greep hielden op de uitkomst. Niet omdat ze de technologie controleerden, maar omdat ze deelnamen aan het gesprek dat de regels bepaalde.

Dat gesprek vindt nu plaats. Over AI-wetgeving in Brussel. Over AI-gebruik in ziekenhuizen. Over hoe AI-gegenereerde content moet worden gelabeld. Over wat scholen mogen en moeten doen. Dit zijn geen technische debatten. Dit zijn maatschappelijke en politieke debatten. En ze vereisen deelnemers die de technologie kennen.

Er is een gevaar dat groter is dan door AI worden vervangen. Dat gevaar is buitengesloten worden van de beslissingen over hoe AI wordt ingezet, omdat je er niets van begrijpt en er niet mee bezig bent.

"Maar ik ben niet technisch"

Je hoeft niet technisch te zijn.

Ik kan geen auto bouwen. Ik heb geen idee hoe een verbrandingsmotor precies werkt. En toch rijdt ik elke dag auto, navigeer ik, beslis ik waar ik naartoe ga en hoe snel.

AI gebruiken in je leven en werk vereist niet dat je begrijpt hoe transformerarchitecturen werken of wat backpropagation is. Het vereist dat je weet wat het gereedschap kan, wat het niet kan, en hoe je het effectief inzet voor jouw specifieke doelen.

Dat is een vaardigheid die je kunt leren. Zoals je hebt geleerd hoe je een zoekmachine gebruikt, hoe je een spreadsheet opbouwt, hoe je een e-mailprogramma beheert. Het kost een paar uur om de basis te begrijpen. Het kost een paar weken om er routine mee te krijgen.

Over de angst die er ook is

Sommige mensen negeren AI niet omdat ze denken dat het hype is. Ze negeren het omdat het hen bang maakt. De gedachte dat hun baan kwetsbaar is. De gedachte dat ze te oud zijn om opnieuw te leren. De gedachte dat de wereld sneller verandert dan ze bij kunnen houden.

Die angst is begrijpelijk. En ik ga je niet vertellen dat hij nergens op gebaseerd is.

Sommige banen gaan verdwijnen of fundamenteel veranderen. Dat is realistisch. De vraag is: wil je iemand zijn die dat overkomt, of iemand die er actief op inspeelt?

Elke technologische transitie in de geschiedenis heeft banen vernietigd en nieuwe gecreëerd. De mensen die het best door transitieperiodes komen zijn niet degenen die de technologie negeren totdat het te laat is. Het zijn de mensen die vroeg genoeg betrokken raken om te begrijpen wat er verandert, en hun positie aanpassen voordat ze geen keus meer hebben.

Je hoeft niet enthousiast te zijn. Je hoeft alleen maar te besluiten dat je het wil begrijpen, zodat je kan kiezen.

Onwetendheid geeft je geen bescherming. Het ontneemt je alleen de mogelijkheid tot een weloverwogen reactie.

De mensen die ik zie veranderen

In de afgelopen twee jaar heb ik tientallen gesprekken gehad met mensen die aanvankelijk sceptisch waren. Ze zijn van gedachten veranderd, niet door een demo of een overtuigend argument, maar door het zelf te gebruiken voor een taak die voor hen echt iets betekende.

Een journalist die ik ken was bezorgd dat haar beroep zou verdwijnen. Ze begon voorzichtig met AI voor research. Nu gebruikt ze het dagelijks, en haar stukken zijn dieper geworden omdat ze meer bronnen kan verwerken. Ze schrijft niet minder, ze schrijft beter.

Een huisarts die ik ken was sceptisch over AI in de zorg. Hij wilde niet dat een machine beslissingen nam over zijn patiënten. Toen hij begon te experimenteren met AI als hulpmiddel voor differentiaaldiagnose, niet als beslisser maar als controleur van zijn eigen redenering, merkte hij dat het hem hielp zeldzame aandoeningen niet over het hoofd te zien. "Het vervangt mijn oordeel niet," zei hij. "Het checkt mijn blinde vlekken."

Een ondernemer die ik ken dacht dat AI alleen nuttig was voor grote bedrijven. Toen hij een middag besteedde aan het automatiseren van zijn offerteproces, bespaarde hij zichzelf vier uur per week.

Elk van deze mensen had een versie van hetzelfde moment: het moment dat het abstract werd concreet.

Een laatste ding

Dit stuk is niet geschreven om iets te verkopen. Geen cursus, geen belang bij jouw beslissing.

De reden is simpel: de kloof tussen mensen die begrijpen wat er speelt en mensen die dat niet doen heeft consequenties. Economisch, maar ook democratisch en maatschappelijk.

De beslissingen over hoe AI wordt ingezet worden genomen door een relatief kleine groep mensen die er intensief mee bezig is. Over hoe het in je ziekenhuis wordt gebruikt. Over hoe het in je rechtssysteem terechtkomt. Over hoe je kinderen er op school mee omgaan. Als jij niets van dit alles begrijpt, heb jij geen stem in die beslissingen. Niet omdat je buitengesloten wordt, maar omdat je zelf niet meedoet.

Je hoeft geen expert te worden. Je hoeft het niet elke dag te gebruiken. Maar je moet het kennen. Je moet er een mening over kunnen vormen die gebaseerd is op actuele kennis, niet op twee jaar oude ervaringen of koppen die je hebt weggeklikt.

Niet paniek. Niet blinde adoptie. Gewoon aandacht. Nieuwsgierigheid. De bereidheid om het opnieuw te bekijken met verse ogen.


Dit stuk is uitnodigend bedoeld, niet veroordelend. Nieuwsgierig geworden, of juist vragen of bezwaren? Ik ga graag het gesprek aan, via e-mail of op de socials.

§
JB

Jesse Burger

Schrijft over kunstmatige intelligentie, de impact op ons dagelijks leven, en de toekomst van technologie.